Priester worden

Het bisdom Haar­lem heeft een eigen seminarie omdat de vor­ming tot priester om een een­heid van gees­te­lij­ke, theo­lo­gische en pas­to­rale vor­ming vraagt. Het seminarie is een opnieuw beleven van de erva­ring van de apostelen die in een ge­meen­schap met Jezus aan het hoofd, wer­den gevormd en voor hun zen­ding toegerust.

Toela­ting

Als voor­oplei­ding wordt normaliter tenminste een HAVO-niveau gevraagd. Voor oudere stu­den­ten kan de voor­oplei­ding in­di­vi­dueel wor­den be­oor­deeld.

Voor­waar­den voor toela­ting tot het seminarie zijn onder meer een po­si­tie­ve en reli­gi­euze in­stel­ling, open­heid voor nadere gees­te­lij­ke vor­ming en het bewust willen aan­vaar­den van de celi­ba­taire levens­staat. Tevens moeten voldoende aanleg en vaardig­he­den aanwe­zig zijn bij de kandidaat om later de taken van een priester te kunnen vervullen.

Basis voor toela­ting is de roe­ping: het verlangen van de kandidaat om priester te wor­den binnen de Rooms-Katho­lie­ke Kerk en zich van harte in te willen voegen in de kerk­ge­meen­schap die wordt geleid door de paus en de bis­schop

De studie

Tijdens de studie komen filo­so­fie, theo­lo­gie en pas­to­rale vor­ming aan de orde, naast enkele andere vakken die voor het werken als priester van bij­zon­der belang zijn. Het studie-pro­gram­ma omvat een zes­ja­rige oplei­ding, waarvan het eerste jaar is gewijd aan inlei­ding in het Christus­mys­te­rie en andere inlei­dende vakken. De twee eerste jaren wor­den voorts vooral filo­so­fische vakken, de daarop volgende vier jaar voor­na­me­lijk theo­lo­gische vakken bestu­deerd, waarbij het Wil­li­brordhuis zich hoofd­za­ke­lijk oriënteert op de ker­ke­lijke vereisten en het pro­gram­ma van de pau­se­lijke La­te­raanse uni­ver­si­teit in Rome. De theo­lo­gische vor­ming in het seminarie is geaffilieerd met deze pau­se­lijke uni­ver­si­teit, zodat stu­den­ten het bac­ca­lau­reaat in de theo­lo­gie kunnen halen.

Na de zes­ja­rige oplei­ding vindt een pas­to­raal jaar plaats, dat groten­deels in een pa­ro­chie wordt door­ge­bracht en waarin enige prak­tische cursussen wor­den gevolgd.

Voor oudere stu­den­ten en in bepaalde gevallen is een andere, aangepaste oplei­dingsroute moge­lijk.

Vorming

Be­lang­rijk voor de vor­ming van priesters is het leven in ge­meen­schap, de gees­te­lij­ke be­ge­lei­ding en het gebed. Die vor­ming is een onder­deel van het per­soon­lijk ant­woord dat de stu­dent op zijn roe­ping geeft: hij wil Christus volgen en zich voor­be­rei­den om priester te wor­den. Daarom is iedere priesterkandidaat zelf de eerste verant­woor­de­lijke voor zijn eigen vor­ming: hij wil zichzelf zo goed moge­lijk vormen om zich voor te berei­den op een zen­ding als priester. Een priester is niet iemand die een bepaalde rol of taak vervult; hij is geroepen om een andere Christus te zijn.

Gebed

Studie, stages, sport en ontspan­ning zijn be­lang­rijk, maar ons ge­meen­schapsleven wordt gedragen door de dage­lijkse vie­ring van de Eucha­ris­tie en het samen bid­den van het ker­ke­lijk morgen- en avond­ge­bed en andere getij­den. Ook hebben medi­ta­tie en be­zin­ning, aanbid­ding en het rozen­krans­ge­bed een vaste plaats in ons leven.

Locaties

Feite­lijk bestaan er in Bisdom Haar­lem-Am­ster­dam vier paden voor de oplei­ding tot priester: Groot­semi­narie St. Wil­li­brord, het Boni­fa­tius­in­sti­tuut, Seminarie Re­demp­to­ris Mater en een uni­ver­si­teit (Rome of elders). Neem contact op met rector Jeroen de Wit voor meer in­for­ma­tie.

In­for­ma­tie en aanmel­ding

Drs. J.C.J. de WitVoor nadere in­for­ma­tie kunt u contact opnemen met rector Jeroen de Wit: